Het duurt even voor de deur opengaat. “Ik heb al 5 jaar geen deurbel. De bedrading ligt klaar, maar ik heb ze nog steeds niet aangesloten. De getuigen van Jehova heb ik al lang niet meer gezien. I kind of like it.” Met een grote glimlach ontvangt schilder Piet Raemdonck ons in zijn huis annex atelier. Hij leidt ons langsheen een wilde tuin, met achteraan en verscholen achter het groen een werkhuis. Natuur vormt een belangrijke inspiratiebron in zijn leven en werk en dat ondervinden we aan den lijve. Wanneer Piet het raam wil sluiten, wordt zijn handeling belemmerd door een dikke tak. Eenmaal dicht, moet het terug open, vermits er een vogeltje zijn weg naar binnen heeft gevonden. “Mijn huis is een versterkte burcht, omgeven door groen. Heel anders dan de witte strakke galerij op het Antwerpse Zuid.
Dat is een glazen doos.”
Het is een oude diamantslijperij gebouwd door een Joodse familie. Ik woon hier al 17 jaar. Net na mijn studententijd ben ik hier beland en toen benutte ik enkel de studio op het gelijkvloers. Maar na een tijd ben ik alle functies in het huis door elkaar beginnen smijten. Onlangs heb ik nog een muur uitgebroken. Het huis is dus continu in beweging. Nu is de leefruimte boven, daar waar er meer licht is. Iets in mij weigert om in het duister te zitten, ik heb licht nodig!




Licht en ruimte zijn heel belangrijk. Bovendien moet alles meewerken. Alles moet praktisch zijn. Ik vind het belangrijk dat alles op wieltjes staat (rolt een ronde tafel naar zich toe). Ik schilder op de tafel, maar ook op de muur en op de grond en dan is het belangrijk dat mijn materiaal binnen handbereik is en dat ik me nergens aan stoot. Als ik aan het werk ben, hang ik nogal de beest uit. Dan smijt ik de boel rondom mij. Maar ik ruim ook regelmatig op hoor (Lacht.).


Ik koop bijna geen planten. Ik sprokkel ze bijeen, ik krijg vaak stekjes van vrienden cadeau, zoals ik jou nu ook stekjes meegeef. De vijgenboom hier beneden geeft heel lekkere vijgen. De blauwe regen heb ik geplant en die is op een paar jaar tijd tot de derde verdieping gekropen. Wanneer hij in bloei staat ruikt het hier geweldig! Op mijn dakterrasje staat van alles bij elkaar: bamboe, rozen, seringen, Accanthus, Hostas, Hydrangea, Tetrapanax, stokrozen en Persicaria the painter’s palette. Die laatste heb ik eerlijk gezegd gekocht omwille van de naam (Lacht.). Ik vind het zalig om midden tussen de planten te zitten en planten en insecten dan van heel dichtbij te zien. Wanneer ik op vakantie ben, schilder ik buiten. Een paar jaar heb ik ook in de tuin van Dries Van Noten geschilderd. Natuur is een belangrijk element in mijn werk. Ik verzamel schelpen, stenen en zaaddozen van planten, bekijk ze aandachtig en schilder ze.




Ik ben intensief bezig met kleur en heb er veel studie naar verricht, ja. Ik vind het belangrijk me niet te beperken tot bepaalde kleuren, maar ze allemaal te aanvaarden. Hoe kleuren zich tot elkaar verhouden en hoe ze op elkaar inwerken, dat fascineert me. Ik focus graag op de cyclische verbondenheid tussen kleuren. Dat klinkt misschien heel theoretisch, maar het is ook echt een spel.




Mijn atelier is mijn werkruimte. De galerie is toonruimte en geen galerie in de klassieke zin van het woord. Het is een neutrale en witte exporuimte voor mijn werk. Aangezien mijn schilderijen veel romantiek hebben, komen ze perfect tot hun recht in de strakke structuur van architect Fierens.



Denk niet dat ik gekant ben tegen het galeriecircuit. Ik werk wel degelijk met galeries samen, alleen heb ik me heel lang afzijdig gehouden van de galeriescène. Ik had de heilige schrik om door een handige galerist gekneed worden tot een commerciële format. Eerst wou ik mezelf artistiek leren kennen en zelfstandigheid ontwikkelen. Voordeel is dat ik nu de kleine spelers oversla en in één beweging met een klepper als Galerie Zwart Huis in Knokke samen kan werken. Een dergelijke kans sterkt me enorm.

Snap ik wel, maar is absoluut te kort door de bocht. Een goede galerist kan het werk van de kunstenaar verrijken en belangrijke inspanningen leveren voor een carrière. Ik heb niets tegen goede business, zolang emotie en artisticiteit gerespecteerd worden. En ik denk dat het moeilijk is voor een kunstenaar om helemaal alleen die emotionele wereld binnen goede banen te leiden.


Ik leef van wat ik schilder. Ik heb dit huis gekocht met het geld dat ik verdiend heb door schilderijen te verkopen. Ik kom niet uit een rijke familie, maar uit een arbeidersgezin. Toen ik op zelfstandige basis begon, heb ik tegen mezelf mantra-gewijs gezegd: ik leef van de schilderkunst! In het begin heb ik alles aangenomen wat er qua teken- en schilderwerk op mij afkwam. Vaak heel toegepast werk. Ik heb daar enorm veel uit geleerd, zowel artistiek als zakelijk. Sinds ik mijn exporuimte heb geopend, heb ik bijna al het toegepaste werk laten varen.

Ik ben altijd al graag bezig geweest met portretten, maar de laatste 10-12 jaar heb ik me veel meer met abstractie bezig gehouden. En dan zijn er genres die zich beter lenen dan het portretgenre. Het stilleven is een praktischer genre om onderzoek te doen naar abstractie. Als je een portret schildert, blijft men ten allen tijde een portret zien. En mensen gaan nu eenmaal verschrikkelijk af op genre. Maar door de portrettenreeks voor Dries ben ik nu ineens weer een portretschilder geworden (Lacht.)! Bij de portretten voor Dries wilde ik dat je in eerste instantie kliederende verf zag, en dat je pas enkele seconden later een portret zou ontdekken. Mensen kenden mijn schilderijen van bloemenvazen, maar toen men de portretten zag, was de reactie soms: “Ah, dus dat kan je ook.” Het ging zelfs zo ver dat bepaalde mensen me plotseling meer au sérieux namen, omdat ik blijkbaar ook portretten kan schilderen. Is dat erg? Misschien ja, maar zeker grappig (Lacht.)!



Ik wil dat mijn schilderijen werelden zijn die je betreedt door ernaar te kijken. Het is een spel van herkenning en niet-herkenning. Ik geef visuele aanknopingspunten vanwaar je binnenkomt in het universum van het schilderij waarin je op de tast verder moet.

Zowel Gert als Axel hebben me beïnvloed in mijn manier van kijken, want een goed interieur kan als een driedimensionaal schilderij werken. Ik heb heel veel bijgeleerd over kunst via hen beiden.
Ja, natuurlijk. Ik vind het belangrijk dat mijn werk haalbaar blijft, en niet enkel voor the happy few ... Er zijn veel vrienden van mij die werk hebben gekocht. Ik denk dat het een rol speelt dat ze de intensiteit voelen waarmee ik werk. Appreciatie voor mijn werk ervaar ik als persoonlijke appreciatie. Dat maakt me dankbaar en gelukkig!


Coffeeklatch is a creative chitchat, an original and personal way for Magali Elali and Bart Kiggen to go and look for inspiring personalities and intriguing stories. The online magazine showcases pictures and interviews with creative entrepreneurs in their homes, addressing various disciplines. Coffeeklatch stands for slow journalism using a fast medium. Read More
mail — facebook — twitter — instagram
Visit our online magazine all items loaded — facebook.com/allitemsloaded
All photographs are made by us. Please do not use them without our permission or re-post them without credit.
site gezet door Mr. Henry,
met melk en 2 klontjes